Woerden, het centrum voor de regio

9

Woerden wordt heden ten dage omringd door grote steden. Menige inwoner van de stad en omgeving gaat voor werk, onderwijs, grote inkopen, theater en cultuur naar nabijgelegen grotere steden als Utrecht, Gouda en andere. Die ontwikkeling is pas vanaf de tweede wereldoorlog in gang gekomen. Vanaf de middeleeuwen tot ver in de 19e eeuw was de kleine stad Woerden voor de meeste bewoners van het omliggende platteland hét centrum van hun wereld. Alleen degenen die rijk waren, handel dreven of een bestuurlijke baan hadden konden en moesten reizen; voor de gewone man in plaatsen als Kamerik of Zegveld was een reis naar Utrecht of Gouda een wereldreis en een bezoek aan Amsterdam of Leiden onvoorstelbaar.

De centrumfunctie van Woerden begon na de Romeinse tijd. Op de restanten van het oude castellum Laurium, op de plaats van het tegenwoordige Kerkplein en Hoge Woerd, is een nederzetting ontstaan rondom een houten kerkje en enkele eeuwen later een kasteel ter verdediging van het bisdom Utrecht tegen de opdringende Hollanders. De ontginningen in de middeleeuwen waren er, juist vanwege het copesysteem, niet op gericht om woonkernen te vormen, maar hooguit linten van boerderijen. De kleine nederzettinkjes, die ontstonden, lagen aan grotere watergangen (Harmelen, Bodegraven) of op verhogingen in het landschap (Kamerik, Waarder).
Dat Woerden een stad werd kwam vooral omdat de Hollandse graven, tot wier grondgebied Woerden sinds het begin van de 14e eeuw behoorde, het plaatsje met zijn kasteel als een van de centra van de verdediging van hun oostgrens tegen de bisschop van Utrecht zagen. De bewoners van het gebied rondom Woerden mochten zich in geval van oorlog in de stad verschuilen. Van groter belang voor de centrumfunctie van Woerden waren het feit, dat de stad het bestuurlijk middelpunt van het Land én van het Groot-Waterschap van Woerden werd. Vanaf dat moment is de regio, waarvan de tot in de 20e eeuw sterk op Woerden gericht bleven, duidelijk vast te stellen.

Bestuurlijk en kerkelijk was Woerden rond 1400 al een centrum, maar economisch werd het dat pas in de 15e eeuw. De ontginners brachten de opbrengst van hun land naar de centrale plaats in hun omgeving, de stad. De graven van Holland ondersteunden deze marktfunctie in 1410. Op 5 juli van dat jaar bepaalde hertog Jan van Beieren, die officieel namens de graaf van Holland het Land van Woerden bestuurde, dat de stad elk jaar op 29, 30 en 31 juli een paardenmarkt en op 10 oktober een koeienmarkt mocht houden. De week rondom de julimarkt was de stad vrij en veilig toegankelijk voor iedereen, uitgezonderd vijanden en mensen die verbannen waren.
Woerden heeft nog altijd zijn jaarmarkt. De julimarkt verdween, maar die in oktober bestaat nog altijd. De datum is niet meer 10 oktober, maar de 3e woensdag in oktober; die dag is in het begin van de 19e eeuw vastgesteld. Tot in het begin van onze eeuw kwamen er nog elk jaar koeien naar de markt, maar de wet laat dat tegenwoordig niet meer toe. Maar ook zonder koeien is het nog elk jaar “koeienmart”, een traditie waarvoor oud-Woerdenaars nog jarenlang terugkomen om er de even traditionele Woerdse mart-gerechten als erwtensoep en poffertjes te eten.

De centrumfunctie, die Woerden in de middeleeuwen kreeg, bleef tot in de 20e eeuw gehandhaafd. De wekelijkse warenmarkt en, sinds 1885, de wekelijkse kaasmarkt op woensdag brachten boeren en handelaren uit het Land van Woerden naar de stad, waar ze, na de handel, ook andere zaken kochten en regelden. De kaasmarkt in Gouda lag te ver om de positie van Woerden te bedreigen en van de kaasmarkten in Oudewater, Breukelen, Uithoorn en Bodegraven was alleen die laatste even druk bezocht als die te Woerden. Maar Bodegraven was geen stad; vanouds behoorde het dorp tot het land van Woerden, hoewel het in de 19e eeuw ook zijn blik naar Gouda wendde.
Voor Kamerik, Zegveld, Waarder, Linschoten en, in mindere mate, Harmelen lag dat anders. Ze bleven ook in de 20e eeuw op Woerden gericht: ze maakten gebruik van het Algemeen Ziekenhuis, stuurden hun kinderen er naar de HBS, de Ambachtsschool of de Landbouwschool en werden. als ze in overtreding gingen, veroordeeld door het kantongerecht in Woerden.
Na 1945 kwam hierin verandering. Betere wegen, zowel in de polder als rijkswegen, meer treinen, meer auto’s …dat alles zorgde ervoor, dat men niet meer aangewezen was op plaatsen binnen loopafstand. De centrumfunctie van Woerden werd beperkter, maar is nog niet geheel verdwenen.

 

Reageren

Velden gemarkeerd met * zijn verplicht om in te vullen.




Uw reactie wordt gepubliceerd zodra deze door de redactie is goedgekeurd.

Het Kasteel van Woerden op een ets/kopergravure, 1620.

Een historische foto van de Koeienmarkt.

Een beeld van de Koeienmarkt Woerden 2011

Meer weten

Meer lezen
- Blijdenstijn, Roland Waardevol Woerden in ontwikkeling: een cultuurhistorische effectrapportage van de binnenstad van Woerden (Woerden, 1999)
- Haartsen, Adriaan Het Land van Woerden (Woerden, 2003)
- Plomp, Nico Woerden 600 jaar stad (Woerden, 1972)

Links